Tips tegen grondwateroverlast

Sidebar

Homepage > E-loket > Grondwateroverlast > Tips tegen grondwateroverlast

Tips tegen grondwateroverlast

Wat u zelf kunt doen om grondwateroverlast te beperken of te voorkomen?

Als er inderdaad sprake is van grondwateroverlast, kunt u de volgende stappen ondernemen:

In de kruipruimte

  • Controleer of onder de woning een drainagesysteem aanwezig is. Drainagebuizen moeten periodiek worden gereinigd, anders raken ze verstopt. Deze kunt u laten doorspuiten.
  • Ga na of uw vloer voldoende is geïsoleerd. Zorg voor voldoende ventilatie. De kruipruimte onder uw woning behoort aan minimaal twee tegenover elkaar liggende zijden te zijn voorzien van ventilatieroosters met een verbinding naar buiten. Zo kan vocht door natuurlijke ventilatie naar behoren worden afgevoerd. Ook is het zaak, de woonvertrekken voldoende te ventileren. Het ministerie van VROM ( www.vrom.nl/ventileren) biedt hiervoor enkele handige tips.
  • In sommige gevallen is bij de bouw van de woning een te diepe kruipruimte aangelegd. Een kruipruimte van circa 60 cm diep is voldoende. De mogelijkheid bestaat om een te diepe kruipruimte gedeeltelijk op te (laten) vullen, bijvoorbeeld met schelpen. Dit kan een oplossing bieden tegen optrekkend vocht.
  • Het Bouwbesluit bevat ondermeer bepalingen over de vochthuishouding in woningen en de dampdichtheid van vloeren, muren en daken. Deze gelden ten tijde van de oplevering. Van woningen die na 2003 gebouwd zijn mag men verwachten dat deze zodanig geïsoleerd zijn dat water in de kruipruimte niet leidt tot vochtoverlast in de verblijfsruimten. In zo'n geval is het dan ook geen probleem wanneer er regelmatig water in de kruipruimte staat. Mocht u twijfels hebben over de dampdichtheid van uw vloer, schakel dan een bouwkundige in.

In de kelder

Een kelder hoort waterdicht te zijn. De woningbezitter is hier zelf voor verantwoordelijk. Pas op bij het boren van gaten in de keldermuren, bijvoorbeeld wanneer u een leiding door de muur wilt voeren. Op een later moment kan de grondwaterstand namelijk stijgen en het water via de leidingdoorvoer de kelder in stromen. Overigens kan vocht in de kelder (met name op warme zomerdagen) ook het gevolg zijn van condens, doordat vochtige warme lucht in aanraking komt met de koele keldermuren.

In de tuin

Vaak ligt de oorzaak van wateroverlast in de tuin. Regenwater kan soms onvoldoende de grond in zakken waardoor een drassige situatie ontstaat en de kruipruimte onderloopt. De Vereniging Eigen Huis ( www.eigenhuis.nl) heeft hierover in het verleden een uitgebreid artikel gepubliceerd. Ook op diverse tuinsites is informatie over dit onderwerp te vinden Raadpleeg bij twijfel een (tuin)specialist.

  • Controleer of in de tuin een drainagesysteem aanwezig is. Drainagebuizen moeten periodiek gereinigd worden, anders raken ze verstopt. Deze kunt u laten doorspuiten.

  • Ga na of eventuele sloten en greppels nabij uw woning wel voldoende schoon en diep zijn. Een belemmerde waterafvoer leidt al gauw tot stijging in de grondwaterstand. Als de sloot/greppel niet op uw eigen perceel ligt, maak dan afspraken met de eigenaar over tijdig onderhoud. Mocht blijken dat vroeger aanwezige sloten of greppels gedempt of beduikerd zijn, probeer deze opnieuw aan te (laten) brengen. Houd er wel rekening mee dat u ontheffing moet aanvragen wanneer u de (opnieuw) te graven sloot of greppel wilt laten afwateren op een oppervlaktewater dat door het waterschap wordt beheerd. Neem hiervoor contact op met de afdeling Vergunningen & Meldingen van het waterschap.

  • Ga na of uw verharding (terras, oprit) wel voldoende afloopt zodat regenwater van de woning af kan stromen, bijvoorbeeld naar de openbare weg.

  • Heel vaak wordt de overlast veroorzaakt doordat de grond onvoldoende waterdoorlatend is. Dit kan komen door de grondsoort. Over het algemeen geldt: hoe zandiger de grond, des te beter doorlatend. Maar ook komt het geregeld voor dat er slecht doorlatende lagen in de bodem zitten. Bij nieuwbouwwijken gebeurt dit vaak doordat de grond is dichtgereden door bouwverkeer. Er kan zich een ‘oerlaag’ in de bodem bevinden waardoor het water niet weg kan. In dergelijke gevallen is er eigenlijk maar één oplossing: de grond losmaken. Vooral bij nieuwbouwwoningen is het verstandig de tuin te diepspitten voordat deze wordt aangelegd. Ook wanneer u uw tuin opnieuw gaat aanleggen, is het een goed moment om na te denken over het verbeteren van de bodemstructuur. De benodigde machines (frees, cultivator, graafmachine) kunt u vaak huren. Let wel op de aanwezigheid van kabels en leidingen op uw perceel. Slecht doorlatende grondsoorten kunt u ‘mengwoelen’ met zand, humus of kleigrondverbeteraar. Ook wordt hier wel (lava)grind voor gebruikt. Op internet is meer informatie te vinden over dit onderwerp.

  • Voorkom de teleurstelling van massale plantensterfte. Bij permanent vochtige tuinen kunt u kiezen voor vochtminnende plantensoorten. Plantensoorten als de dotterbloem, geitenbaard, zomerklokje, maskerbloem, koningsvaren, duizendknoop, valeriaan, sleutelbloem en iris zijn beter aangepast aan vochtige omstandigheden. De draagkracht van de bodem is vaak een probleem in een vochtige tuin. Kies in zo’ n geval voor grotere tegels. Dat gaat verzakking van terras en oprit tegen.

Tenslotte kunt u bij tuinaanleg of –renovatie overwegen om buisdrainage aan te leggen. Er worden verschillende soorten drainage onderscheiden. Draineren is precisiewerk en vereist enige handigheid en vakkennis. Maar van een goed aangelegde drainage kunt u, mits goed onderhouden, vele jaren plezier hebben. Bij de aanleg van drainage zijn in ieder geval de volgende aandachtspunten van belang:

  • Laat de drainage bij voorkeur rechtstreeks op het oppervlaktewater afwateren.
  • Als dit niet kan, dan aansluiten op het regenwaterriool. Drainagewater is in principe schoon en hoort daarom NIET thuis op het gemengde- of vuilwaterriool! Uw gemeente kan u vertellen welk type riolering bij u aanwezig is.
  • Gebruik in de nabijheid van bomen, struiken en planten altijd ongeperforeerde buis. Dit om wortelingroei tegen te gaan.
  • Zorg voor voldoende doorspuitpunten zodat u de drainage geregeld kunt reinigen.

Niet pompen

Sommige mensen proberen hun kruipruimte permanent droog te houden met een dompelpomp. Overweeg deze optie alleen wanneer alle andere oplossingen niet blijken te werken. Het kost een hoop energie en u trekt ook het nodige water uit de omgeving aan. Dit is dus geen optimale oplossing.

Zettingsgevoelige gebieden

Pas op met het verlagen van de grondwaterstand wanneer u in een zogenaamd ‘zettingsgevoelig’ gebied woont. Dit speelt bijvoorbeeld bij veengronden. In dergelijke gebieden kan verlaging van de grondwaterstand tot gevolg hebben dat de bodem inklinkt. Hierdoor kan uw erf verzakken. Ook kan schade ontstaan aan bebouwing, wanneer deze niet voldoende gefundeerd is. Schakel desnoods een bouwkundig expert in. De verlaging van de grondwaterstand beperkt zich meestal niet alleen tot uw eigen perceel. Ook bij de buren kan zettingsschade optreden. Informeer hen daarom altijd vóórdat u aan de slag gaat.

Naar boven